Medisch beroepsgeheim en Justitie: patiëntendossier gevorderd?

Arts bespreekt met advocaat het medisch beroepsgeheim na een verzoek van Justitie om een patiëntendossier

Als arts of zorgverlener beschermt u dagelijks vertrouwelijke medische informatie. Maar wat doet u wanneer politie of Justitie ineens een patiëntendossier wil hebben? En wat als er zelfs een beslissing van de rechter-commissaris ligt? 

De druk om mee te werken kan groot zijn. Toch betekent een verzoek of rechterlijke beslissing niet dat u uw medisch beroepsgeheim zonder verdere afweging terzijde kunt schuiven. 

Juist op zo’n moment moet zorgvuldig worden beoordeeld welke informatie onder het beroepsgeheim valt, welk verschoningsrecht u heeft en welke rechtsmiddelen nog openstaan.

Medisch beroepsgeheim blijft ook tegenover Justitie zwaar wegen 

Het medisch beroepsgeheim beschermt vertrouwelijke informatie die een patiënt aan een zorgverlener verstrekt. Daaraan is het verschoningsrecht gekoppeld: bepaalde zorgverleners mogen zich tegenover politie, het Openbaar Ministerie en de rechter verschonen van het verstrekken van informatie die onder hun geheimhoudingsplicht valt. 

Het uitgangspunt van artikel 218 Wetboek van Strafvordering is dan ook dat een verschoningsgerechtigde niet zonder meer hoeft mee te werken aan het prijsgeven van vertrouwelijke medische gegevens. 

Een verzoek van politie of Justitie alleen is daarom onvoldoende reden om een patiëntendossier te verstrekken. 

Recente tuchtzaak: eigen afweging blijft essentieel 

Hoe zwaar het beroepsgeheim weegt, blijkt opnieuw uit een uitspraak van het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle van 24 juli 2026. 

De zaak ging over zes zorgverleners van een ggz-instelling. Vertrouwelijke informatie over een patiënt was gedeeld met diens voormalige werkgever en de politie. Bij vier zorgverleners – twee psychiaters en twee gz-psychologen – werd de klacht gegrond verklaard en een waarschuwing opgelegd. De klachten tegen een andere psychiater en een verpleegkundige waren ongegrond. 

Een beroep op een zogenoemd conflict van plichten bood in de gegrond verklaarde zaak onvoldoende rechtvaardiging voor het doorbreken van het beroepsgeheim. 

Volgens het tuchtcollege moet de zorgverlener zelfstandig beoordelen of aan de voorwaarden voor doorbreking van de geheimhoudingsplicht is voldaan. Daarbij moeten onder meer de proportionaliteit, subsidiariteit, mogelijke alternatieven en de noodzaak van verstrekking zorgvuldig worden afgewogen en vastgelegd. 

De uitspraak ging niet over een vordering van een patiëntendossier door een rechter-commissaris. Zij onderstreept wel een belangrijk uitgangspunt: de verantwoordelijkheid voor het zorgvuldig omgaan met het medisch beroepsgeheim blijft bij de zorgprofessional liggen. 

Wat als politie of Justitie een patiëntendossier vordert? 

Wanneer opsporingsinstanties medische gegevens willen verkrijgen, is het belangrijk om eerst vast te stellen op welke juridische grondslag dat gebeurt. 

Wordt informatie gevraagd die onder uw beroepsgeheim en verschoningsrecht valt? Dan beroept u zich in beginsel op uw verschoningsrecht. 

Bij stukken die onder het verschoningsrecht vallen, bepaalt artikel 98 Wetboek van Strafvordering dat deze in beginsel niet zonder toestemming van de verschoningsgerechtigde in beslag worden genomen. 

Wanneer discussie ontstaat over de vraag of de stukken mogen worden ingezien, kan de rechter-commissaris daarover beslissen. 

Een beslissing van de rechter-commissaris is niet altijd het eindpunt 

Dit is een belangrijk moment in de procedure. 

Wanneer de rechter-commissaris beslist dat inbeslagneming is toegestaan, moet de verschoningsgerechtigde erop worden gewezen dat tegen die beslissing beklag openstaat. 

Artikel 98 lid 4 Sv geeft daarvoor een termijn van veertien dagen na betekening van de beschikking. Artikel 552a Sv is op die beklagprocedure van toepassing. 

Bovendien bepaalt de wet dat niet tot kennisneming van de betreffende stukken wordt overgegaan voordat onherroepelijk op dat beklag is beslist. 

Een voor de zorgverlener ongunstige beslissing van de rechter-commissaris betekent dus niet automatisch dat u de juridische toetsingsmogelijkheden moet laten rusten. 

Waarom rechterlijke toetsing van het verschoningsrecht ertoe doet 

Dat aanvullende rechterlijke toetsing verschil kan maken, blijkt uit de rechtspraak. 

Een bekend voorbeeld is de Savanna-zaak. In die zaak ging het om het medisch dossier van het driejarige meisje Savanna. De vraag was of het medisch verschoningsrecht mocht worden doorbroken in een strafrechtelijk onderzoek. 

Uiteindelijk oordeelde de Hoge Raad dat onvoldoende was gemotiveerd waarom sprake was van zulke uitzonderlijke omstandigheden dat het verschoningsrecht moest wijken. Daarbij speelde onder meer mee dat onvoldoende was onderzocht of de benodigde informatie op een andere manier kon worden verkregen. 

Dat betekent overigens niet dat het verschoningsrecht nooit kan worden doorbroken. 

De Hoge Raad heeft in andere zaken bevestigd dat zeer uitzonderlijke omstandigheden kunnen rechtvaardigen dat het belang van waarheidsvinding zwaarder weegt. Dat blijft echter een zware toets waarbij onder meer de ernst van de verdenking, noodzakelijkheid en omvang van de inbreuk relevant kunnen zijn. 

Patiëntendossier gevorderd? Volg deze stappen 

Wordt u als arts of zorginstelling geconfronteerd met een vordering of verzoek om medische informatie? Handel dan niet uitsluitend vanuit de gedachte dat u verplicht bent onmiddellijk mee te werken. 

1. Geef het dossier niet vrijwillig direct vrij

Stel eerst vast welke bevoegdheid wordt gebruikt en welke informatie precies wordt gevraagd. 

Valt de informatie onder uw beroepsgeheim? Beroep u dan waar nodig op uw verschoningsrecht.

 

2. Voorkom voortijdige kennisneming

Wanneer medische gegevens in het kader van de procedure beschikbaar moeten worden gesteld, kan het noodzakelijk zijn deze zodanig te behandelen dat opsporingsinstanties er nog geen inhoudelijke kennis van kunnen nemen. 

In de rechtspraak zien we bijvoorbeeld dat patiëntendossiers in een gesloten envelop aan de rechter-commissaris worden verstrekt terwijl eerst over het beroep op het verschoningsrecht wordt beslist. 

3. Laat de rechter-commissaris beslissen

Wanneer discussie bestaat over het verschoningsrecht, kan de rechter-commissaris beoordelen of de inbeslagneming en kennisneming zijn toegestaan. 

Is die beslissing voor u ongunstig? Beoordeel dan onmiddellijk welke vervolgstap nodig is. 

4.Houd de termijn voor beklag scherp in de gaten

Tegen een beslissing van de rechter-commissaris waarbij inbeslagneming wordt toegestaan, kan de verschoningsgerechtigde binnen veertien dagen een klaagschrift indienen. 

Die termijn is kort. Wacht daarom niet met het inschakelen van gespecialiseerde rechtsbijstand. 

5. Overweeg zo nodig cassatie

Ook tegen de beslissing van de rechtbank in de beklagprocedure kan onder voorwaarden cassatie bij de Hoge Raad openstaan. 

Bij procedures over het verschoningsrecht gelden korte termijnen. Ook in cassatie speelt een termijn van veertien dagen een belangrijke rol.

Waarom ook tuchtrechtelijk zorgvuldig handelen belangrijk is 

Een strafvorderlijke procedure en een tuchtrechtelijke beoordeling zijn niet hetzelfde. 

Voor een BIG-geregistreerde zorgverlener blijft relevant of hij of zij heeft gehandeld zoals van een redelijk bekwame en redelijk handelende beroepsbeoefenaar mag worden verwacht. Een tuchtcollege kan daarbij beoordelen welke professionele afweging u zelf heeft gemaakt en hoe u die heeft vastgelegd. 

SKE Advocaten wijst er op de eigen informatiepagina over medisch tuchtrecht op dat maatregelen kunnen variëren van een waarschuwing tot uiteindelijk schrapping uit het BIG-register. 

Daarom is het verstandig om gedurende het gehele traject goed te documenteren: 

  • welke informatie Justitie heeft gevraagd; 
  • op welke wettelijke bevoegdheid het verzoek of bevel berust; 
  • welk beroep op het beroepsgeheim is gedaan; 
  • welk juridisch advies u heeft ingewonnen; 
  • welke alternatieven zijn onderzocht; 
  • waarom bepaalde informatie uiteindelijk wel of niet is verstrekt. 

Justitie vraagt om een patiëntendossier? Laat u direct adviseren 

Een politieambtenaar, officier van justitie of rechter-commissaris aan de deur kan veel druk veroorzaken. Juist dan is haastig handelen riskant. 

Uw taak is niet om een strafrechtelijk onderzoek tegen te werken. Uw taak is wél om zorgvuldig om te gaan met het medisch beroepsgeheim en de rechten die de wet daaraan verbindt. 

SKE Advocaten heeft ervaring met zowel medisch tuchtrecht als het medisch strafrecht en adviseert artsen en andere zorgverleners over het beroepsgeheim en verschoningsrecht. 

Wordt uw patiëntendossier gevorderd, vindt er een doorzoeking plaats of heeft u een beslissing van de rechter-commissaris ontvangen? Win dan direct juridisch advies in voordat vertrouwelijke patiëntinformatie toegankelijk wordt gemaakt. 

Veelgestelde vragen

 

Mag ik een patiëntendossier aan de politie geven? 

Niet uitsluitend omdat de politie daarom vraagt. Wanneer de gegevens onder het medisch beroepsgeheim vallen, moet eerst worden beoordeeld of een wettelijke grondslag voor verstrekking bestaat en welke rol uw verschoningsrecht speelt. 

Kan een rechter-commissaris het medisch beroepsgeheim doorbreken? 

Onder zeer uitzonderlijke omstandigheden kan het belang van strafrechtelijke waarheidsvinding zwaarder wegen dan het verschoningsrecht. Dat vereist een zorgvuldige juridische beoordeling. 

Kan ik opkomen tegen een beslissing van de rechter-commissaris? 

Ja. Wanneer de rechter-commissaris beslist dat inbeslagneming van geheimhouderstukken is toegestaan, kan een verschoningsgerechtigde volgens artikel 98 lid 4 Sv binnen veertien dagen na betekening een klaagschrift indienen. 

 

Disclaimer: de wereld van het recht is in beweging. Stellingen en meningen in een blog kunnen binnen een dag verouderd zijn. Dit blog leidt nooit tot rechten en/of plichten. Wilt u een concreet en actueel advies, neem dan contact met ons op.