BIGBlog: Infectieziekten en meldingsplicht, hoe zit dat juridisch?

Door Dagmar Rasenberg en Anne Marie de Koning, Sennef de Koning van Eenennaam advocaten

COVID-19

Het houdt heel Nederland bezig: De uitbraak van het nieuwe coronavirus (COVID-19). Om die in te dammen, is de informatie van zorgverleners onmisbaar. Daarmee springen de verantwoordelijkheden van zorgverleners in het oog, bijvoorbeeld vanwege hun meldingsplicht. De Nederlandse bevolking krijgt mogelijk ook nog te maken met onder andere gedwongen quarantaine.

Daarover zijn wettelijke regelingen, die u ongetwijfeld (nog niet helemaal) kent. Hoe zit het juridisch?

De Wet Publieke Gezondheid

Nederland kent regelgeving met betrekking tot infectieziekten sinds 1928, toen de Wet Bestrijding Infectieziekten en Opsporing Ziekteoorzaken (BIOZ) in werking trad.[1] In 2008 is de Wet Publieke Gezondheid in werking getreden, de opvolger van de Infectieziektenwet, waarmee aansluiting is gezocht bij de nieuwste Internationale Gezondheidsregeling van de WHO.[2] Deze actuele wet heeft voornamelijk de meldingssystematiek veranderd, waardoor de regeling omtrent de meldingsplicht nu niet meer enkel van toepassing is op een limitatief aantal ziekten, maar op elke gebeurtenis die een ernstig internationaal volksgezondheidsrisico tot gevolg kan hebben.[3]

Meldingsplicht infectieziekten

Er geldt een meldingsplicht voor zorgverleners met betrekking tot alle infectieziekten die in groep A, B1, B2 of C vallen. De groepsindeling bepaalt de aard van de mogelijke maatregelen; hoe ‘hoger’ de indeling, hoe dwingender de maatregel.[4]

Het (nieuwe) coronavirus valt in categorie A.[5] Net als MERS-corona en SARS.

Beroepsgeheim niet van toepassing

Deze meldingsplicht is een uitzondering op de normaal geldende geheimhoudingsplicht.[6] De Wet Publieke Gezondheid bepaalt dat wanneer een zorgverlener een diagnose van een infectieziekte uit groep A, B1, B2 of C bij een patiënt vaststelt, dit gemeld moet worden aan de GGD.[7] Deze gegevens dienen vervolgens door de GGD doorgegeven te worden aan de burgemeester en/of de voorzitter van de veiligheidsregio, alsmede het RIVM.[8]

Sancties bij schending meldingsplicht door zorgverleners

Zorgverleners spelen een grote rol bij de bestrijding van een uitbraak van infectieziekten. Wat als de zorgverlener zich niet houdt aan de meldingsplicht? Volgen er dan sancties? Het antwoord hierop is ten eerste te vinden in de Wet Publieke Gezondheid. Daarin wordt bepaald dat een arts die handelt in strijd met de meldingsplicht, gestraft kan worden met een hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie.[9] Daarnaast kan een zorgverlener door schending van de meldingsplicht in strijd met de beroepscode handelen, waardoor deze zorgverlener ook een tuchtrechtelijk verwijt gemaakt kan worden. Zorgverleners zijn niet alleen verantwoordelijk voor hun eigen patiënt, maar ook voor derden, als het aankomt op de preventie en bestrijding van infectieziekten.[10]

Gedwongen quarantaine

Individuen kunnen alleen in gedwongen quarantaine gesteld worden door de voorzitter van de veiligheidsregio wanneer aannemelijk is dat zij in contact zijn geweest met een lijder dan wel vermoedelijk lijder aan een infectieziekte uit categorie A en mogelijk met diezelfde ziekte zijn geïnfecteerd, er een ernstig gevaar voor de volksgezondheid bestaat door verspreiding van de infectieziekte en zij niet bereid zijn om op vrijwillige basis in quarantaine gaan.[11]

Politie

De beschikking voor gedwongen quarantaine wordt door de politie uitgereikt aan de betrokkene. Indien nodig, kan de burgemeester de politie de persoon laten opsporen.[12] Tijdens de quarantaine is het de verantwoordelijkheid van een geneeskundige, aangewezen door de GGD, om de patiënt onder medisch toezicht te houden.[13]

Strafrechtelijke aansprakelijkheid bij niet meewerken aan gedwongen quarantaine

Ook bevat de Wet Publieke Gezondheid een strafbaarstelling voor individuen die zich niet houden aan de opgelegde maatregel. Sterker nog, het zich niet houden aan een opgelegde gedwongen quarantaine is een misdrijf.[14] Wie zich onttrekt aan de maatregel inhoudende gedwongen quarantaine, kan gestraft worden met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar of een geldboete van de vijfde categorie.[15]

Strafrecht

Naast de Wet Publieke Gezondheid, kan ook het Wetboek van Strafrecht van toepassing zijn op iemand die zijn plicht om in quarantaine te verblijven, schendt. Zo zou een besmet individu, afhankelijk van diens opzet op het feit, veroordeeld kunnen worden op grond van bijvoorbeeld zwaar lichamelijk letsel door schuld of mishandeling. Misschien zelfs voor dood door schuld of doodslag, wanneer een ander om het leven komt door de infectie.[16]

Mogelijk kan de zorgverlener die verzuimt te melden in een specifiek geval dat dodelijk voor anderen uitpakt, voor medeplichtig of medepleger aan/van strafbare feiten worden gehouden.

Stok achter de deur of om te slaan?

Al met al kent de Nederlandse wetgeving voldoende regelingen die als stok achter de deur kunnen dienen bij een uitbraak van een virus, zoals nu het geval is met het (nieuwe) coronavirus. Een meldingsplicht voor zorgverleners zoals geregeld in de Wet Publieke Gezondheid zorgt ervoor dat de overheid snel op de hoogte is van een uitbraak en deze zo snel mogelijk ingedamd kan worden.

Als u zich als zorgverlener niet aan de meldingsplicht houdt, kan dat behoorlijke juridische gevolgen hebben. Let wel, eventuele sanctionering volgt altijd pas een (lange) tijd na de gebeurtenissen. Het ligt niet in de rede om een zorgverlener die nodig is in crisistijd direct op te pakken als hij verzuimt te melden, maar als de crisis bezworen is, zwaait er mogelijk wat.

Het is maar dat u het weet.

 

 

[1] Stb. 1928, 265.

[2] Stb. 2008, 460; Stb. 1998, 394.

[3] Kamerstukken II, 2007/08, 31 316, nr. 3.

[4] https://www.rivm.nl/meldingsplicht-infectieziekten/welke-infectieziekten-zijn-meldingsplichtig

[5] Art. 1 sub e Wpg.

[6] Art. 7:457 BW, art. 88 Wet BIG, art. 272 Sr.

[7] Art. 22 Wpg.

[8] Art. 27 en 28 Wpg.

[9] Art. 66 lid 1 Wpg.

[10] I. Van Dijk, J. Dute & P. Ten Ham, ‘Preventie en bestrijding van infectieziekten in tuchtrechtelijk perspectief’, Ned Tijdschr Geneeskd. 2015;159:A8158.

[11] Art. 35 Wpg.

[12] RIVM ‘ Draaiboek gedwongen isolatie, quarantaine en medisch onderzoek’.

[13] RIVM ‘ Draaiboek gedwongen isolatie, quarantaine en medisch onderzoek’.

[14] Art. 68 lid 4 Wpg.

[15] Art. 68 lid 3 Wpg.

[16] Hof ’s-Hertogenbosch 12-09-2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:3446; Rb Utrecht 04-03-2004, ECLI:NL:RBUTR:2004:AO5330; HR 25-03-2003, ECLI:NL:HR:2003:AE9049; HR 24-06-2003, ECLI:NL:HR:2003:AF8058; HR 18-01-2005, ECLI:NL:HR:2005:AR1860; HR 20-02-2007, ECLI:NL:HR:2007:AY9659.