De onderneming: verschil tussen bestuursrechtelijke handhaving, sancties en strafrecht

Recentelijk heeft DCMR milieudienst Rijnmond namens de provincie Zuid-Holland een dwangsom opgelegd aan een onderneming. De dwangsom is opgelegd, omdat de onderneming te veel gevaarlijke stoffen had opgeslagen. Daarnaast startte het OM een strafrechtelijk onderzoek op grond van het vermoeden dat de regels bewust zijn overtreden. Dit artikel gaat over de verschillen tussen bestuursrechtelijke handhaving sancties en strafrecht

Twee keer gestraft?

Een onderneming kan dus voor een zelfde feitenrelaas zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk ‘bestraft’ worden. Althans, het kan voelen als een dubbele bestraffing. Denk hierbij aan de combinatie van een bestuursrechtelijk opgelegde boete (ook wel bestuurlijke boete genoemd) met een dwangsom. Of er wordt door de rechter een boete opgelegd voor het plegen van een strafbaar feit waar ook een dwangsom is opgelegd. Voor een onderneming kan dit ‘voelen’ als een dubbele straf.

Hieronder beschrijven we de verschillen tussen handhaving sancties en strafrecht. We beginnen met het uitleggen van bestuurlijke sancties.

Bestuursrechtelijke sancties

Wanneer een onderneming niet voldoet aan de bestuursrechtelijke regelgeving, dan kan de overheid diverse handhavingsinstrumenten inzetten. Er zijn meerdere bestuurlijke sancties die een bestuursorgaan voor de handhaving van regelgeving kan gebruiken. Bij het overtreden van een voorschrift kan een bestuurlijke sanctie volgen. Een bestuurlijke sanctie is een door een bestuursorgaan wegens een overtreding opgelegde verplichting of onthouden aanspraak (5.2-1a Awb).

Mogelijke (bestuursrechtelijke) sancties

Bestuursrechtelijke sancties onderscheiden zich in herstelsancties en bestraffende sancties. Mogelijke bestuurlijke sancties zijn: intrekken of schorsen van een beschikking, opleggen van een last onder bestuursdwang, opleggen van een last onder dwangsom of opleggen van een bestuurlijke boete.

• Dwangsom

Een last onder dwangsom is gericht op het beëindigen van een bepaalde overtreding en de rechtmatige situatie te herstellen. Een last onder dwangsom moet in een besluit, een zogenaamde beschikking, door een bestuursorgaan worden genomen. Deze beschikking moet vermelden welk voorschrift is overtreden, dat er een last onder dwangsom wordt opgelegd, welke maatregelen de overtreder moet nemen om te voorkomen dat de dwangsom verbeurd wordt verklaard en de termijn waarin dat moet gebeuren.

• Bestuursdwang

Wanneer een bestuursorgaan een last onder bestuursdwang wil opleggen, moet daartoe een besluit worden genomen. Dit besluit is een beschikking waarin moet staan (1) welk voorschrift is overtreden; (2) dat er een last onder bestuursdwang wordt opgelegd; (3) dat er maatregelen moeten worden getroffen om te voorkomen dat die bestuursdwang ten uitvoer wordt gelegd; (4) welke maatregelen dit zijn; (5) de termijn waarbinnen dit moet gebeuren en (6) in hoeverre de kosten ten laste van de overtreder (kunnen) komen.

Zowel de last onder dwangsom als de last onder bestuursdwang zijn herstelsancties, maar worden veelal als financieel belastend en bestraffend ervaren. Het primaire doel van deze sancties is herstel in de zin van de overtreding te beëindigen. Bestuursdwang en dwangsom mogen niet tegelijkertijd worden opgelegd en het bestuursorgaan moet dus kiezen.

• Bestuurlijke boete

Een bestuurlijke boete is een bestraffende sanctie en is punitief van aard. Het betoogt de overtreder van de geschonden bestuursrechtelijke norm leed toe te voegen.

Zienswijze

In een aantal gevallen vraagt de overheid de onderneming om hun mening, welke de onderneming middels een zogenaamde zienswijze kan indienen. In de zienswijze kan uiteengezet worden waarom een onderneming het niet of gedeeltelijk niet eens is met een ontwerpbesluit of voornemen tot een besluit, bijvoorbeeld het voornemen tot het opleggen van een boete. Een zienswijze lijkt op een bezwaarschrift. Waar een zienswijze zich richt op een nog niet genomen besluit, gaat het bij een bezwaarschrift om een besluit dat reeds is genomen en waarvan de besluitvorming dus al heeft plaatsgevonden.

Een zienswijze met goede argumenten kan dus van invloed zijn om in de uiteindelijke besluitvorming door een bestuursorgaan af te wijken van het ontwerpbesluit of om af te zien van een definitief besluit. Indien de Uitgebreide Openbare Voorbereidingsprocedure (UOV) (artikel 6:13 van de Algemene Wet Bestuursrecht (Awb)) van toepassing is, moet er zelfs een zienswijze worden ingediend om het recht om in beroep te gaan te beschermen.

Strafrechtelijke sancties

Een onderneming is een rechtspersoon en kan strafbare feiten plegen (artikel 51 van het Wetboek van Strafrecht). Naast de onderneming, kan het Openbaar Ministerie (OM) de feitelijk leidinggevende van de betreffende onderneming vervolgen. In Nederland is de roep om bestuurders en andere managers verantwoordelijk te houden groter geworden. Dit is op te merken uit het toegenomen aantal bestuurlijke boetes voor personen die feitelijk leiding hebben gegeven aan overtredingen van de onderneming.

Mogelijke (strafrechtelijke) sancties

Voor het bestraffen van een rechtspersoon (onderneming) zijn vele sancties denkbaar. Er kan een geldboete worden opgelegd, maar een sanctie kan ook het stilleggen van de onderneming zijn. Een feitelijk leidinggevende kan bestraft worden met een geldboete, maar ook met een werkstraf of zelfs een gevangenisstraf.

Met name bij strafrechtelijk vervolging van de onderneming en/of de feitelijk leidinggevende, is de imagoschade vaak groot. Snelheid in het afhandelen is van belang en een advocaat vroeg betrekken kan hierbij helpen. Zo kan bijvoorbeeld, om negatieve publiciteit zoveel mogelijk te beperken, een mogelijke strategie zijn om contact op te nemen met het OM in het kader van een verzoek tot seponeren of schikken van de zaak.

Gespecialiseerde sanctierechtadvocaat

Heeft u nog een vraag over handhaving sancties en strafrecht? Marcelle Peelen heeft specifieke kennis en kan u zowel in het bestuursrechtelijke als strafrechtelijke traject bijstaan en/of u strategisch adviseren. U kunt vrijblijvend contact opnemen met Marcelle Peelen op nummer 06 22 59 04 81 of per e-mail naar m.peelen@ske-advocaten.nl